Dutch summary dissertation Doing History, Creating Memory

An English language abstract of my dissertation can be found here. A Dutch and English press release can be found here.

Samenvatting in het Nederlands (from Berber 1898_BerberHagedoorn_voorkant_lowresHagedoorn, Doing History, Creating Memory: Representing the Past in Documentary and Archive-Based Television Programmes within a Multi-Platform Landscape, Dissertation Utrecht University, 2016, pp. 228-230).

Geschiedenis-televisie als geheugenpraktijk: de verbeelding van het verleden in documentaires en televisieprogramma’s over geschiedenis via een multi-platform aanpak

In mijn proefschrift bestudeer ik manieren waarop het verleden wordt verbeeld op de Nederlandse televisie als een multi-platform fenomeen. Daarmee laat mijn onderzoek zien hoe hedendaagse representaties van geschiedenis bijdragen aan de vorming van het culturele geheugen. In mijn analyse betrek ik onder meer Andere tijden (NPS/NTR/VPRO), digitale themakanalen zoals NPO Doc en NostalgieNet, en crossmediale documentaireprojecten zoals De oorlog/13 in de oorlog (NPS) en In Europa (VPRO). Dit onderzoek weerlegt kritiek op televisie als geschiedenispraktijk door te laten zien hoe televisieprofessionals actief kennis en begrip van het verleden aanbrengen, kaders voor contextualisering en verdieping bieden, en specifieke functionaliteiten van verschillende media inzetten en sturen in multi-platform producties. Het onderzoek toont hierbij de rol aan van de Nederlandse televisie-industrie en de publieke omroep als pionier en experimentele ruimte in de ontwikkeling van multi-platform en participatieve projecten.

Televisie als multi-platform fenomeen biedt aan de ene kant nieuwe mogelijkheden voor het vormen van cultureel geheugen via contextualisatie en verdieping, maar levert aan de andere kant ook uitdagingen op voor een zogenaamde ‘long tail’ van hedendaagse representaties van geschiedenis, onder andere door het schorten van integrale en structurele preservatie – en veroorzaakt daarmee ook nieuwe vormen van vergeten. De mogelijkheden voor televisie om te fungeren als een geschiedenisleraar zijn bovendien aanzienlijk gegroeid in het multi-platform medialandschap door middel van digitale technologieën en online toegang. Door de toegepaste methode worden in het bijzonder de doorgaans meer impliciete praktijken van selectie en interpretatie door televisiemakers als curatoren van het verleden expliciet gemaakt. 

Televisie is in het moderne medialandschap een belangrijk middel om voorbije en historische gebeurtenissen te representeren. Dit proefschrift bestudeert manieren waarop het verleden wordt verbeeld op de Nederlandse televisie als een multi-platform fenomeen. Dynamisch aanbod, zoals televisie-uitzendingen, crossmedia-platforms, digitale themakanalen en online televisiearchieven, biedt toegang tot een breed scala aan audiovisuele materialen. Door te onderzoeken hoe het samengaan van televisie met nieuwe mediatechnologieën haar rol als link met het verleden heeft beïnvloed, laat dit onderzoek zien hoe hedendaagse representaties van geschiedenis bijdragen aan de vorming van het culturele geheugen. In het bijzonder wordt de poëtica van op archiefmateriaal gebaseerde programma’s en documentaires over geschiedenis geanalyseerd, en wel vanaf het jaar 2000 tot heden. In deze periode grepen televisieprofessionals in Nederland de kans om te experimenteren met verhaalvormen mogelijk gemaakt door de toegenomen digitalisering van archiefmateriaal en de aanwezigheid van online en digitale platformen. Dit onderzoek is gebaseerd op een tweeledige aanpak: een tekstuele analyse van audiovisuele casussen en een productiestudies benadering om inzicht te krijgen in de strategieën van programmamakers en multi-platform producties met betrekking tot historische gebeurtenissen. Een dergelijke aanpak onthult verschillende tekstuele, cultureel-historische en institutionele doelstellingen, strategieën en conventies voor het verbeelden van geschiedenis op de televisie, en maakt onderlinge machtsverhoudingen zichtbaar.

Door middel van een analyse van diverse casussen kunnen verschillende aspecten van het vertellen van geschiedenis via televisie en televisie als een geheugenpraktijk in een multi-platform medialandschap worden toegelicht. De geselecteerde casussen zijn uitgezonden en online beschikbaar gesteld tussen begin 2000 en de eerste 6 maanden van 2015, en zijn nog online te volgen. Dit biedt een goed uitgangspunt voor een reflectie op de wisselwerking tussen verleden en heden via televisie. In elke casus worden verschillende dynamieken in de mate van cross- en transmedialiteit geëvalueerd, evenals de keuzes die de programmamakers hebben gemaakt om een bepaald soort geschiedenis weer te geven.

Ten eerste belicht ik de manier waarop bronnen en verhalen over historische gebeurtenissen worden verzameld, geselecteerd, gereconstrueerd en gevisualiseerd door middel van specifieke criteria en strategieën bij langlopende geschiedenisprogramma’s. Op basis van een analyse van het op archiefmateriaal en actualiteit gebaseerde geschiedenisprogramma Andere tijden (NPS/NTR/VPRO, 2000– ) belicht ik de rol van televisie als middel om voorbije en historische gebeurtenissen te representeren, met een focus op hoe geschiedenis verbeeld wordt en wat voor soort geschiedenis televisiemakers creëren in het geval van wekelijkse geschiedenisprogrammering.

Ten tweede reflecteer ik op de betekenissen die geconstrueerd worden door middel van crossmediale programmering en narrowcasting (uitzendingen voor een select publiek) van eerder uitgezonden geschiedenis- en nostalgische programma’s op verschillende Nederlandse digitale themakanalen, in het bijzonder NPO Doc (voorheen Holland Doc) en NostalgieNet. Door middel van deze casussen licht ik het belang van hybriditeit toe – het vermengen van televisie met digitale cultuur – evenals de rol van televisieprofessionals als conservatoren van het verleden en het belang van geschiedenisprogramma’s met betrekking tot het collectieve geheugen. Dit onderzoek wijst ook op de uitdagingen voor de online verspreiding van historisch audiovisueel materiaal, bijvoorbeeld de uitdagingen van mediabeleid en auteursrechtelijke kwesties. Hierdoor wordt de functie van online verspreid materiaal als materiaal voor contextualisering en meer diepgaande kennisvorming op de proef gesteld.

Ten derde stel ik de vraag hoe de Holocaust gerepresenteerd wordt in multi-platform televisiedocumentaires met als doel verschillende doelgroepen te bereiken. Op basis van een analyse van verschillende productie-aanpakken in de documentaireseries De oorlog en 13 in de oorlog (NPS, 2009-2010) belicht ik de rol van archiefmateriaal als ‘bewijs’, de rol van het laten zien en horen van getuigenissen en ten slotte het creëren van nieuwe inzichten door het onder de aandacht brengen van geschiedenis bij het hedendaagse publiek door middel van broadcasting en multi-platform storytelling (met inbegrip van zowel crossmediale als transmediale vertelvormen).

Ten vierde licht ik toe hoe makers van televisiedocumentaires multi-platformstrategieën gebruiken om betrokkenheid bij de Europese geschiedenis van de twintigste eeuw tot stand te brengen, en wat vervolgens de mogelijkheden en gevolgen zijn voor de participatie van kijkers en het creëren van cultureel geheugen. Op basis van een analyse van het crossmediale documentaire-project In Europa (VPRO, 2007-2009), waarin plaatsen van herinnering (lieux de mémoire) centraal staan, ga ik in op de uitdagingen en mogelijkheden van multi-platform producties in de televisie-industrie. Ik leg hier in het bijzonder de nadruk op de rol van crossmediapraktijken voor het delen en vormgeven van persoonlijke verhalen van historische gebeurtenissen, om zo te werken aan een meer ‘participatief’ geheugen.

Door te verkennen hoe professionals het medium televisie inzetten om kijkers te informeren en te onderwijzen over het verleden in een multi-platform medialandschap, beschouw ik tot slot hoe deze nieuwe vormen van televisie en het laten zien van geschiedenis van invloed zijn op het creëren van cultureel geheugen. Eerder uitgevoerd onderzoek omvat het culturele geheugen als gedeelde en gereconstrueerde kennis van het verleden buiten, maar niettemin verstrengeld met, officiële historische vertogen. Ik stel een nieuw model van het bestuderen van televisie als vorm van cultureel geheugen voor, waarbij rekening wordt gehouden met de hybriditeit van het medium televisie in een multi-platform medialandschap, oftewel een heroverweging van televisie als een hybride repertoire van geheugen. Televisie speelt een belangrijke rol als geschiedenisleraar in onze huidige maatschappij. Dit doet het medium televisie niet alleen middels de productie van historische programma’s en het vertellen van verhalen uit het verleden, maar ook door het beschikbaar maken van audiovisueel materiaal uit archieven op diverse platforms en dit materiaal te contextualiseren voor specifieke doelgroepen. Nieuwe manieren van participatie en digitale technologieën bieden een meer directe link tussen publiek en bronnen van historische informatie, maar om televisiegebruikers actief te betrekken moeten connecties met en tussen programma’s van voldoende betekenis zijn.

De bestudeerde casussen tonen aan dat televisieproducties over geschiedenis dergelijke overwegingen makkelijker maken door alleen die onderdelen van het collectieve geheugen naar voren te halen, die het meest relevant zijn op een bepaalde tijd voor beleidsmakers en kijkers. Deze vormen van het vertellen van geschiedenis onthullen de verbindende aard van het cultureel geheugen, gekenmerkt door een voortdurend proces van onderhandeling. Dergelijke praktijken laten ons zien hoe gemediatiseerd en hoe politiek herinneren en vergeten kan zijn. Het hervertellen van verhalen uit het verleden door middel van televisie wordt tot stand gebracht en ervaren binnen specifieke culturele, tekstuele en institutionele kaders, zoals geschiedenis, geheugen, narrativiteit, medium-specificiteit, huisstijlen, mediabeleid en toegankelijkheid. Interpretaties worden ook gevormd door middel van de verwachtingen van kijkers en de persoonlijke verbondenheid van televisiekijkers en gebruikers met de programma-inhoud. Dergelijke ervaringen worden op hun beurt gestuurd door de manier waarop inhoud toegankelijk wordt gemaakt door televisieproducenten en programmamakers. Nieuwe digitale technologieën zijn de drijvende kracht achter deze steeds meer gekoppelde ervaringen aangeboden via het medium televisie.

Deze dissertatie toont derhalve aan, ten eerste, hoe de selectie en verspreiding van historische verhalen en audiovisuele materialen in nieuwe contexten van televisie werken met betrekking tot processen van mediatisering (de groeiende invloed van media in cultuur en maatschappij), hybriditeit (het vermengen van televisie met digitale cultuur) en samenstelling (de rol van televisieprofessionals als conservatoren van het verleden), en ten tweede, hoe dergelijke praktijken helpen om individuele en collectieve culturele herinneringen te zoeken, te behouden en te verbeelden. Op de televisie uitgezonden geschiedenisprogramma’s verbinden kijkers en gebruikers met het verleden en bieden de nodige contextuele kaders door middel van crossmediale en transmediale producties, waarbij onverminderd het belang van het vertellen van verhalen en herinneringen wordt aangetoond – aldus blijven gangbare interpretaties van geschiedenis uitgedaagd.

Advertisements